Arjen
Meijer (1972) is freelance journalist en communicatieadviseur van diverse
nationale en internationale sportbonden, waaronder de wereldvolleybalbond
(FIVB) en de Europese Volleybalbond (CEV). Hij is sinds 1990 actief
in het volleybal, fungeert als perschef bij vrijwel alle grote internationale
toernooien en schreef over deze sport in vele nationale en internationale
media, waaronder Gazzetta dello Sport, USA Today, Suddeutsche Zeitung,
Associated Press, ANP, De Telegraaf, Volkskrant en Algemeen Dagblad.
Ook werkt hij mee aan volleybal tijdschriften in vele landen en is hij
adviseur van volleybalkrant.nl.
Au revoir, of eigenlijk 'het gaat u goed'
Een zomerse
zondagavond in het Turkse Izmr. Het is een uur of elf. Nederland heeft
zojuist van Kroatie gewonnen en daarmee de titel in de European League
gegrepen. Veertien wedstrijden ongeslagen en de eerste titel sinds het
Europees kampioenschap in 1997. De hal is verlaten. Waar eerder op de
dag nog bijna 3000 toeschouwers zaten zijn alleen de zaalwacht en ondergetekende
nog aanwezig. Ik heb zojuist het persbericht 'Netherlands sails to European
League title' weggestuurd. De website van de CEV is geupdate en dan
realiseer ik me wat er echt aan de hand is. Het is mijn laatste volleybalwerk
geweest. Het enige dat nog moet gebeuren is het licht uitdoen en mijn
chauffeur vragen me naar het officiele slotbanket te brengen.
Kansen krijgen is eenvoudig, kansen benutten is veel lastiger. Mensen
die dit niet begrijpen hebben nooit kansen benut, of erger nog hebben
nog nooit kansen gehad. Om kansen te krijgen moet je er overigens wel
voor zorgen dat je kansen creeert, en het creeren van kansen is lastiger
als men denkt.
Onlangs kwam er een kans voorbij. Een gerenommeerde internationale sportbond
was op zoek naar een fulltime communication manager. Na het inwinnen
van vele inlichtingen over deze sportbond en deze functie was de conclusie
duidelijk: het benutten van deze kans zou een enorme uitdaging voor
mij betekenen. Ik heb de kans met beide handen aangegrepen en ben sinds
1 augustus werkzaam als de communication manager van de FIH, de wereldhockeybond.
Een van de voorwaarden om deze interessante en voor mij zeer belangrijke
functie te aanvaarden was mijn afscheid in het volleybal. Aan de ene
kant heb ik daar geen problemen mee. De evolutie in deze sport is helaas
niet bijzonder groot en de manier waarop in volleybal met kwaliteit
wordt omgegaan is ook niet geweldig. Aan de andere kant doet het mij
ook pijn. Zoals ik persoonlijk aan diverse volleybalbetrokkenen heb
geschreven heb ik dankzij het volleybal mijn nieuwe functie verdiend.
Ook is het een sport waarvan ik, al zeg ik het zelf (nog steeds verboden
in Nederland) toch wel enige kennis heb.
De eerste live volleybalwedstrijd zag ik in 1989 toen ik namens het
regionale radiostation OSU een wedstrijd van Bosta/The Smash in de eerste
divisie versloeg. Wil van der Heydt, een van mijn mentoren in de sportjournalistiek,
nam mij naar een wedstrijd van deze Castricumse ploeg mee en dat was
het moment dat ik de volleybalsport omarmde. Na tien WK's, 25 EK's,
twintig Europa Cup finales en bijna honderd internationale toernooien
op alle vijf continenten is het tijd geworden afscheid van deze sport
te nemen.
Dit afscheid is nu reeel geworden. Het doet mij deugd om te vertrekken
met een overwinning van het Nederlands team. Ik heb de zeventien jaar
(exact de helft van mijn leven) dat ik volleybal heb gevolgd enorm van
deze sport genoten en ik zal zeker weer eens komen kijken naar een wedstrijd,
waar dan ook ter wereld.
Vele insiders hebben mij verzocht nog eenmaal een pakkende column te
schrijven. Natuurlijk was dat mogelijk geweest, maar ik heb hier niet
voor gekozen. Waarom 'scheldend' vertrekken als de sport je zoveel heeft
gebracht. Hoewel al mijn kritiek alleen voor de 'goede zaak' geweest,
neem ik rustig afscheid. Lezers die dat niet begrijpen hebben geen idee
van mijn goede intentie gehad.
Het is nu tijd om uit de sporthal van Izmir te vertrekken. Het enige
wat mij nog rest is deze column naar Frans de Jong te sturen, mijn laptop
uit te schakelen en het licht van mijn kantoor uit te doen. Het is het
einde van een periode van zeventien jaar. Ik had dit niet willen missen.
Au revoir zou ik willen zeggen, maar dat betekent dat ik terug zal keren.
Daarom schrijf ik liever 'het gaat u goed'. En dat meen ik echt.
Arjen
Meijer
Voor
de reeds eerder gepubliceerde artikelen van Arjen Meijer gaat u naar
het achtergrondarchief.